Centraal Justitieel Incasso Bureau
Direct naar: hoofdnavigatie - subnavigatie - zoeken en sitemap
U bent hier:Start>Onderwerpen›
Sinds 1 februari 2008 mag het Openbaar Ministerie (OM) voor een aantal veel voorkomende strafbare feiten zelf straffen opleggen. Op die datum is namelijk een nieuwe wet in werking getreden: de wet OM-afdoening.
Voorheen legde de rechter de straf op of werd door het Openbaar Ministerie een schikkingsvoorstel (transactie) aangeboden. Als het Openbaar Ministerie een straf oplegt, dan heet dat een strafbeschikking.
Sinds 1 januari 2009 kan een bijzondere opsporingsambtenar van één van de vier grote gemeenten (Amsterdam, Utrecht, Den Haag en Rotterdam) bij een geschreven proces-verbaal een strafbeschikking uitvaardigen.
Vanaf 1 april 2010 krijgen politieagenten, opsporingsambtenaren van de Koninklijke Marechaussee en buitengewone opsporingsambtenaren - zoals handhavers in dienst van de gemeente, boswachters, treinconducteurs en controleurs van busmaatschappijen - de bevoegdheid om voor bepaalde overtredingen een (politie)strafbeschikking op te leggen.
De politiestrafbeschikking zal gefaseerd worden ingevoerd. Dit betekent dat iedere maand één of meer arrondissementen aansluiten waarbinnen de strafbeschikking wordt gebruikt.
Voor de feiten waarvoor een strafbeschikking kan worden uitgevaardigd, mag geen transactie meer worden aangeboden.
Het CJIB zorgt voor het verzenden van de strafbeschikking en het innen van de geldboete. Het proces van de inning van de geldboete is voor alle strafbeschikkingen gelijk.