U bent hier:Home Onderwerpen  Door de rechter opgelegde geldboete

Door de rechter opgelegde geldboete

Als u een strafbaar feit hebt gepleegd, dan kan de rechter u veroordelen tot het betalen van één of meerdere geldboetes. Zo'n geldboete wordt een boetevonnis genoemd.

Na de uitspraak van de rechter ontvangt van ons een brief. Hierop staat vermeld hoeveel u moet betalen en voor welke datum u dat moet doen. U kunt de boete betalen met de aangehechte acceptgiro.

Betaalt u de boete niet op tijd, dan volgen de volgende stappen:

Aanmaningen

Is de vervaldatum van uw boete verlopen, dan wordt deze eerst verhoogd met 15 euro. U ontvangt van ons een aanmaning met het verzoek deze verhoogde boete voor een bepaalde datum te betalen. Doet u dat niet, dan wordt het nog openstaande bedrag met 20 procent verhoogd (met een minimum van 30 euro) en ontvangt u een tweede aanmaning.

Inschakelen van een deurwaarder

Betaalt u de boete niet naar aanleiding van de aanmaningen, dan kan het CJIB een gerechtsdeurwaarder inschakelen. Deze bezorgt u een dwangbevel en gaat na of het openstaande bedrag kan worden verhaald op uw goederen, inkomsten of vermogen. Hebt u in deze fase vragen over de betaling van uw boete, dan moet u daarvoor contact opnemen met de deurwaarder.

Als u het er niet mee eens bent dat het CJIB een deurwaarder heeft ingeschakeld, dan kunt u daartegen in verzet gaan. Op de achterkant van het dwangbevel vindt u meer informatie over hoe en waar u dat kunt doen.

Vervangende hechtenis

Heeft het CJIB de geldboete niet bij u kunnen innen via aanmaningen of de deurwaarder, dan kan vervangende hechtenis worden toegepast. In het door de rechter uitgesproken vonnis staat om hoeveel dagen het gaat.
De officier van justitie vaardigt in dit geval een arrestatiebevel uit en geeft de politie daarmee de opdracht om u te arresteren en u de vervangende hechtenis te laten ondergaan.

U kunt vervangende hechtenis alleen voorkomen of beëindigen door het nog openstaande bedrag alsnog volledig te betalen.