U bent hier:Home Onderwerpen  Europese uitwisseling inning boetes en confiscatiebeslissingen

Europese uitwisseling inning boetes en confiscatiebeslissingen

EU-lidstaten kunnen de tenuitvoerlegging van geldelijke sancties en confiscatiebeslissingen aan elkaar overdragen. Het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) is daarbij aangewezen als centrale autoriteit voor Nederland.

Sinds enkele jaren heeft Nederland door middel van de Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging geldelijke sancties en beslissingen tot confiscatie een tweetal Europese kaderbesluiten geïmplementeerd. Voor deze kaderbesluiten is het CJIB aangewezen als Nederlandse centrale autoriteit.
Dit betekent dat het CJIB ervoor zorgt dat:
- geldboetes en confiscatiebeslissingen die zijn opgelegd door een instantie of rechter in een andere EU lidstaat in Nederland ten uitvoer worden gelegd en dat
- geldboetes en confiscatiebeslissingen bestemd voor een andere EU-lidstaat worden overgedragen aan de aangewezen autoriteiten van die lidstaat.

Welke zaken kunnen worden uitgewisseld?

Welke zaken voor uitwisseling in aanmerking komen, hangt af van de wetgeving van het land waarin de boete of confiscatiebeslissing wordt opgelegd. Maar in beginsel komen de volgende typen zaken voor overdracht in aanmerking:

- geldboetes, waaronder verkeersboetes;
- geldbedragen voor het slachtoffer van een strafbaar feit (voor zover deze verplichting is opgelegd door de strafrechter);
- geldbedragen voor een schadefonds of instelling voor slachtoffers van strafbare feiten (voor zover deze verplichting is opgelegd bij rechterlijke uitspraak of beschikking);
- proceskosten;
- confiscatiebeslissingen (voor Nederland is dit een ontnemingsmaatregel of verbeurdverklaring).

De tenuitvoerlegging van een Europese boete of van een Europese confiscatiebeslissing kan daarbij de volgende processen doorlopen: