Bijzondere voorwaarde en verwerking van persoonsgegevens

U kunt van de rechter, de rechter-commissaris of de officier van justitie een bijzondere voorwaarde opgelegd krijgen. Het CJIB heeft als taak het coördineren, administreren en informeren van partijen rond het proces van de bijzondere voorwaarde.

Houdt u zich niet aan de bijzondere voorwaarde dan zal de politie of reclassering dit melden bij de officier van justitie of de rechter-commissaris en komt er een terechtzitting.
Deze taak – het toezien op bijzondere voorwaarden - is een wettelijke taak van het CJIB. Het CJIB heeft daarom voor deze taak de rol van verwerkingsverantwoordelijke.

Welke persoonsgegevens verwerken wij?

Om deze taak uit te kunnen voeren, moet het CJIB persoonsgegevens verwerken. Wij krijgen deze gegevens van het Openbaar Ministerie (OM). 

De gegevens die wij kunnen verwerken voor deze taak zijn:

  • Burgerservicenummer;
  • Volledige naam;
  • Adres, postcode en woonplaats;
  • Geboortedatum;
  • Geboorteplaats;
  • Gegevens over waarom u de bijzondere voorwaarde hebt gekregen;
  • Gegevens over de bijzondere voorwaarde.

Met wie delen wij gegevens?

Wij delen gegevens alleen met anderen als dat nodig is. Het CJIB deelt informatie met de Justitiële Informatiedienst (JustID), omdat zij het dossier van betrokkene bijhouden.
Omdat de reclassering en/of de politie (dit ligt aan de opgelegde bijzondere voorwaarde) toezicht houdt, wisselt het CJIB gegevens met hen uit. Het CJIB houdt het OM op de hoogte van het verloop van het toezicht. 

Hoe lang bewaren wij gegevens?

Hoe lang het CJIB persoonsgegevens voor het toezien op bijzondere voorwaarden mag bewaren, hangt onder andere af van waarvoor u bent veroordeeld en de opgelegde straf. In artikel 4 en 6 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens staan de bewaartermijnen.

Vindt u deze informatie duidelijk?
Uw reactie mag maximaal 250 karakters tellen.
Naar boven